is toegevoegd aan uw favorieten.

Overysselsch advysboek, behelzende merkwaardige zo consultatoire als decisoire advysen en sententien, van veele voornaame rechtsgeleerden in Overyssel.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

44* O V E R Y S S E L S C II

menfes, toegepast; vermits een Richter in cas van Injurieri eenen zeer hoogen Eifch dikwyis op een zeer laagen Penning verminderd, verhaalende aldaar van een geval, dat het Juridique Collegie van Helmftad een Eifch van twee duizend Daalders, waar op een Aanlegger de hem gedaane Injurie begroot had, tot,op maar vier Daalders;hadde verminderd; ja dikwyis op niet met al, wanneer de Gedaagde in 't geheel word geabfolveerd ; en het is om deeze reden, dat men naar de gemeene Rechten om üchtyeerdige, ééden voor te komen, daar de inmoderate affectie in het begrooten van zyne eigene Injurie een Aanlegger dikwyis mede wegfieept, best heeft geoordeeld, dat de Richter qui non attento jwarn.en.to partis ,. tanquam bonus vir taxabit fecundum qualvates, voor af de waardy der begaane Injurie tauxeerc en begroote, en dat daar na de Aanlegger juramento veritatis zweere, om zo veel zo een hem aangedaanen hoon niet te willen dulden, Jon. Mascard. de probat. vol. u. concluf. 903. n. 7. of dat wel de Aanlegger in 't geheel van,deezen ééd ontheft worde, wanneer een Rechter om erheffelyke redenen de Injurie wat laag tauxeert, voornaamentlyk wanneer de Geinjureerde een Man van aanzien is, Dav. Mev. dec. part. 9. dec. 170.

Prysfelyk is het zeker , en Christelyk, niet difficiel maar toegeeflyk te zyn in het vergeeven van zyns naasten zonden, en in het aanneemen van een redelyke fatisfactie, in geval men eenige fmaad of belediging ontvangen heeft, terwyl aan de eene zyde de eer en reputatie des Beledigdens , die meer opinione vulgi als in der daad, (cum hcec a probitate viri pendeat, Goth. G. Titius Jur. Rom. Germ. Lib. %._cap. 4. §. 9,} gevioleerd was, deezer wyze ook opinione vulgi weder herfteld word, Reinh. Bachov. ad Treu'.ler. vol. 2. disp. 30. thefi 6. Ut. 9. en thef. 7. tit, A. en aan de andere zyde de Belediger eene fenfibele ftraffe ontvangt, cum nullus gravius aficitur, quam qui ad fupplu eium pamitenticc traditur, tefti Seneca de ira lib. 3. cap. 25. liever dan een oogmerk te hebben om alleen zyn wraakzugtig gemoed te verzaadigen, terwyl de Aanleggers cn Aan-

klaa.