is toegevoegd aan uw favorieten.

De beroerten in de Vereenigde Nederlanden, van den jaare 1300 tot op den tegenwoordigen tyd; geschetst ter waarschuwing van derzelver tegenwoordige burgers en leden van regeering

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

83* Het BEROERD

kwetst. De Kapitein zelve en eenigen der zynen begaven zich, met ontbloot zydgeweer, onder den hoop; waardoor een Jongen en drie Oproermaakers doodelyke wonden ontvingen. Zo hoog klom thans de woede van het Graauw, dat zy de Trommelflagers in 't water fmeeten, en met mesfen, Hokken en fteenen op de Soldaacen zo geweldig indrongen, dat eenigen, op hunne knieën, om lyfsbehoudenis moesten bidden , anderen na den Dam en elders een goed heen koomen zogten: zodat de geheele Kompagnie eerlang verftrooid wierdt.

Nu hadt het fnood gefpuis de handen ruim, en eene effene baan, om der plonderzucht den teugel te vieren. Men rukt den Lantaarnpaal , die voor het huis ftondt, uit den grond, rameit met denzelven de deur open, en ftreeft by geheele benden ten huize in. Niets, hoe kostbaar ook, wierdt hier gefpaard of ontzien. Het fraaifte Zilverwerk, de kostbaarfte Porceleinen en Spiegels, 't wierdt alles een prooi des baldaadigen moed wils. Men gedoogde, egter, niet dat iemand der plonderaaren zich door eenigen buit verrykte. Een van 't gefpuis , met een ftuk Zilverwerk willende doorgaan, wierdt verhinderd door zyne makkers, die hem zynen roof ontnamen, en dien in de Heeregragt wierpen. Iemand van 's Burgemeesters bedienden zogt een zeer kostbaaren

Spie-