Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

JAARBOEKEN, Itlruttfy, 1783. 233

Dat van nu voortaan aan de Weduwen

van ieder Gildebroeder , welke zes jaaren

in het Gilde geweest is, tot haar hertrou„ wen toe, en verder of langer niet, weeke-

lyks uit de Gildekasfe door de Overlieden „ zal worden gegeeven Weduwengeld welk

door regeerende Overlieden , naar omftan„ digheid der Gildekasfe zal worden gere-

guleerd, doch 't welk niet meerder zalmo„ gen bedraagen als dertig- Huivers 's weeks, „ zullende ingeval een Gildebroeder komt te ,, overlyden, die nog geen zes jaaren in het „ Gilde is geweest, deszelfs Weduwe, ai„ voorens Weduwengeld te kunnen trekken, „ moeten wagten, tot dat dezelve bepaalde „ zes jaaren zullen zyn verftreeken, zonder

echter inmiddels iets in de Gildekas te be„ hoeven te fourneeren , welverftaande dat „ hier onder niet zullen begreepen zyn, die

Weduwen, welke hunnen mannen reeds „ voor dato deezes verlooren hebben.

„ En zal deeze uitkeering niet mogen „ ftrekken, in prjejuditie van eenige voorige

uitgaaven en fournisfementen, aan de oude „ Gildebroeders, nemaar zullen dezelve bly„ ven in hunne volle kracht en obfervantie".

„ In kennisfe van my Secretaris „ H. van Slingelandt".

VIL „ Myne Heeren van den Gerechte „ der Stad Amfteldam, gebleken zynde, dat „ verfcheide lieden hier ter Stede. alhoewel „ geen Gildebroeders van het Schaatfe,Lees. „ tea Klompe en Stillegangmakers Gild wc

„ zen-

Am-

stel-i dam.

Sluiten