Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MENGELING VAN GEDICHTEN. 29

ONBEZONNENHEID.

Indien de Mensch een leven na dit leven Te wachten heeft, gelyk, by 't onderzoek, Met kracht van taal, in 't Goddlyk Bybelbook'

Aan elk op 't klaarft' te kennen word gegeeven; Hoe komt het dan dat veelen zo verblind

Naar fchyngeluk, naar ftaat en fchatten haaken,

En dat hun hart in zondige vermaaken

Zyn grootftc vreugd en vergenoeging vind?

Het zigtbre-alléép begoochelt hunne zinnen. -GlTchoon de Dood de Weelde volgt op 't fpoor, Haar vol genot komt hen te ftreclend voor.

Hoe zouden zy 't toekomend' kunnen minnen? 't Ligchaamïyk oog is fteeds naar 't aardsch gericht. Het oog der ziele is blind voor.'t hcmelsch licht.

In 't Album Amicorum van den Heere JAN van EYK.

D 3 GODS

Sluiten