is toegevoegd aan uw favorieten.

Mengelwerken, in dichtmaat en prosa.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

WEZENLIJKHEID. 225

De Tijd houdt graf en Heg fteeds open;

Schept vreugde en rouw, vermaak en leed; Verwekt, voedt, ftuit geduld en hoopen,

En wisfelt flechts gedaante en kleed. Hij brengt den flaap, die ons verkwikt; Wél hem, dien nooit een droom verfchrikt!

De Frees doorknaagt des fterflings harte;

De grootftê geest bukt voor haar magt, En beeft voor ingebeelde fmarte,

Schoon de aard' hem als een Newton acht. Zij heeft, tot fmart en vreugd der aard', 't Vooroordeel voor den mensch gebaard.

De Vreugd kan geene vreugde weezen, Als men haar voor geen vreugd meer houdt.

Het onheil, dat ons thans doet vreezen, Wordt vreugde, als men 'c voor hei! befchouwt.

In 't kwaade zelfs is altoos goed,

En voorfpoed is in tegenfpoed.

P 5 Tlmn»