is toegevoegd aan uw favorieten.

Verhandeling over het aderlaaten en deszelfs toevallen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ffê OVER I.'ET ADERLAATEN

Deszelfs Het wondje met den Drukdöek bedekt ziinaanleg. , J

de, begint men eten aanleg van den zwachtel,

aan de voorhand bij den duim; en leidt den zeiven fchuins over de kompres en het achterfte nahands beentje, uitwaards om den pink; en tusfehen den duim en vooiftcn vinger doorhaal ende , gaat men fchuin over den voorgaanden omflag, in dc gedaante van een dwerfch kruis, na het achterfte en bovenfte der voorhand; men daalt achter onder dezelve heen, en vervolgt weder boven den duim, als vooren: men maakt

na drie dusdanige omwindingen het windzel in de rondte om de voorhand vast. (zie pl. II, fig. 2>

III,) Aderlaating op den Voet.

liDg.Paa" Voetxaating is die, welke op of aan de buitenzijde des vpets, of wel aan den binnen enklaauw (malhölus iniernus,j bij den grooten toon verricht wordt. Welke A- De in- en uitwendige Moeder- aders (Vena opend^ Saphena in-ei externaj (bladz. 10) worden in worden, deeze Operatie geopend, (pl. I. fig. 4.) Voorzor- Men laat den Lijder, aan welken men de voet' Sen' laating zal in 't werk ftellen, eenigen tijd te vooren, met beide dc voeten (*), in een emmer of

tob-

(*) Men Iaat beide de voeten in het warm water houden*