Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Florian, Nama Pompilius, Second Rol de Rome.

■dunkt ons , kan den lezer even zo weinig gevallen, als eene dergelyke voorwaarde aan numa zeiven zou hebben konnen

voldoen. —

Al verder meenen wy ons te moogen vergunnen om aangaan, de dit heldendicht dezelve aanmerking te maaken, welke door dengrootenFREDERis: omtrend het meesterftuk van voltaire gemaakt is geworden; deze naamlyk: dat de held deszei ven zig allerwege niet genoeg vertoont, en uit dien hoofde te weinig belang in zynen perfoon doet ftellen. Het verhaal der lotgevallen van leo, deszelfs minnenhandel met camilla, de gefchiedenis van zoro a ster,enz., zyn al te uitvoerige epifoden, en onderbreeken zo zeer het voornsame gefchiedverhaal, dat men by die gelegenheden niet zelden den held bykans geheel uit het oog verliest. Deze wordt daar en boven veel al geheel aan zig zeiven overgeiaaren, en verliest reeds op zyn zestiende jaar zynen opziener en leermeester, na welken tyd hy meer door het bloot geval, dan wel door het toeverzigt en de lesfen van eenen wyzen en verftandigen leidsman tot eenen braaven en deugdzaamen vorst wordt opgeleid. De groote voorganger van den Heer de florian, doet den grvzen m en tor by zynen telen achus verblyven, tot dat deze hem door alle de gevaaren der jeugd en jongeiingfchap heeft heen geleid, en in eene meenigte voorkoomende gevallen en gelegenheden zyn hart bestierd, zyne natuurlyke driften beteugeld, en zyn gemoed gevormd en vatbaar gemaakt voor het bezit en de beoeffening van waare deugd en menfchenliefde- Tullus hier tegen verlaat zynen opvoedeling op den allergevaarlykften tyd van zyn leven; laat hem alleen en onbehoed der waereld intreeden ; en geeft bem over aan alle die wisfelvallige bejegeningen, die eenen onervarenen jongeling zo wel tot een nutloos en nadeelig lid der maatfchappy, als tot eenen deugdzaamen en verftandigen burger kennen opleiden. Tatius, zyn vriend en raadsman, wordt mede zeer fchielyk aan hem ontnoomen ; en eerlang ziet men den held in het eenzaame , met eenen treurenden minnaar, tusfchen de gebergten omdwaalen, om zig van eene maatichappy •te verwydereu, tot welker beftier en regeering hy voornaamenlyk door het verkeer en den omgang met derzelver leden moest worden gevormd en voorbereid. Numa wordt ons voons in bet dichtfluk voor handen voorgedraagen als den gunfteling van ceres, die hem, gelyk minerva tklemachus, onder baare byzondere hoede en toeverzigt genoomen had. Minerva eindigt haaren taak door telem ach us geheel te vormen tot eenen wyzen en verftandigen vorst; in welke hoedanigheid hy geheel en alleen haar werk, zy alleen zyne leermeesteres is.

Dog

Sluiten