is toegevoegd aan uw favorieten.

De leerzame praat-al.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ondertusfchen heeft men de gezonde reden en de ondervinding maar te raadplegen, om zich zeiven te overtuigen, dat waarzeggingen , toverijen , enz. een louter goochelfpel

is. Geestenkijkers hebben wij nooit aangetroffen,

evenwel hebben wij in onze dagen perfoonen gehad, die dit voorgaven, doch van die geesten, indien zij die gezien en gefproken hebben , deerlijk bedrogen zijn. ■■ Men denke hier aan een harmen aan den overtoom— brede r o d e zal misfehien ook een valfche profeet zijn — l üdem'an, of liever kerstem an, heeft fommige bijzonderheden nog al gelukkig getroffen. ——- Bekend is de beruch. tescHWEDENBORG, wiens voorzeggingen door middel van

geesten tot heden veel bijval vinden. • Bijzonder brengt

men bij, dat hij in den jaare 1761 bij eene vorftin werdt geroepen, welke van hem berigten uit de andere wereld begeerde. — Hij kwam en beloofde aan haare begeerte te

zullen voldoen. Na eenige dagen volbragt hij zijne be¬

lofte, en ontdekte haar iets, dat, volgends haare mening, geen levendig mensch buiten haar weten konde. Hennings heeft dit raadfel willen oplosfen, doch, zo het ons voorkomt, niet voldoende (*). — In een Berliner Monatfchrifi (f) vinden wij eene oplosflng, die meer afdoet. Zij is van een'

Ongenoemden. Zie hier kortelijk zijn verhaal: „ IR

kreeg gelegenheid met de Kopinginne moeder over schwedenborg te fpreken, en zij verhaalde mij zelfs de bekende, haaren haaren Broeder betreffende, bijzonderheid, met eene overtuiging, die mij zeldfaam voorkwam. Een ieder, die deze zuster des grooten f rede riks gekend heeft, zal met recht zeggen, dat zij niets minder dan dweepachtig, en dat haar geest van alle bijgeloof vrij was. Echter fcheen sij mij zo overtuigd van schwedenborgs wonderen, dat y ik

(*) Over de geesten en geestenzieners, bl. 56, 57. O) Januari) , 1788.

ff 3 .