Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der. VROUWE N. 3 lyke onderdrukt, om dat het laatftezwakker als het eerfte is, zo is zulks onrechtvaardig, niet alleen, maar de zodanige betoonen,dat ze Barbaaren zyn.

De Romeinfche Schryvers getuigen, dat de Barbaren , hunne Vrouwen niet veel hooger dan Huysdieren aanmerkten; doth de Edele Dame, 'die door den bloedhond en wreden Barbaar Attüa gevraagd wierd, wat beeft beft na een Vrouw geleek, andwoorde zeer wel; een Man, Heer Koning.

De Romeinen, de befchaafftc Volkeren van dien tyd, betoonden in tegendeel veel agting voor het Vrouwelyk geflacht, en hoe wellevender een Volk in onze dagenis, hoe meerder de Vrouwen onder dezelve met beleefdheid , tocgeevendheid , liefde en agting behandeld worden; zo dat het mishandelen van een Vrouw onbeftaanbaar met het Caraóter van een eerlyk Man is, als ftrydende met de rechtvaardigheid en goede zeeden.

Zo lang de deugd onder de oude Romeinen blocydê, wierden de Vrouwen op een deftige, minfaame en eerbiedige wyze behandeld : Men was niet onrechtvaardig genoeg om ftaande te houden, dat de Vrouwen nergens bequaam toe waaren : In tegendeel, fchoon men haare ondeugden dorlt iaaken, zo liet men niet na bakne deugden te roemen, en de trouwe dienften, aan het gemcene beft bewezen, met het oprechten van Eere-beelden, te beloonen , geiyk de voorbeelden daar van te bekend zyn om alhier op te noemen.

A 2 Maar,

Sluiten