Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

214 NALEZING van STUKKEN

ven van Pieter van Brakel (zeggende voor de Engelfchen in commisfie te wezen om een Landing te bewerken) aan hem Suppliant in fecretesfe geopenbaart, heeft verzwegen, en tot zyne apprehenfie toe,aan niemand geopenbaart, en dat hy Suppliant zig dus daar meede aan een zwaare misdaad heeft fchuldig gemaakt.

Wyders 2. Dat hy Gevange zig aan gemelde van Brakel heeft geëngageert, om van zyne kant, de voorfz Vyandelyke Landing te favorifeeren , en ten dien einde met den zeiven heeft gemaakt een affpraak , dat indien de voorfz Landing op de Goederée gemunt was, hy Suppliant 'er niet meede te doen zoude hebben, om dat de Engelfchen uit de Noordzee moetende komen agter de Plaat de Springer, die de Goerée dekt, heen moeiten vaaren, en men dus met de Batteryen van het Eiland Schouwen en Duyvcland niets konde uitregten , om dat de tusfchenwydte te groot was en met het Kanon niet konde beftreeken worden.

Dog dat in geval de Landing op het Eiland Schouwen zoude gefchieden, het wel denkelyk was, dat de eerfte aanval zoude gefchieden op de Batterye den Os, dewyl de Engelfchen dan zouden moeten komen door het Jobsgat, het welk gelegen is tusfchen de Banjaard en de Springer, en vervolgens in het Brouwershavenfe gat, en dat dus de affpraak is geweeft, dat in dat geval, by aldien hy Suppliant alsdan daar zoude commandeeren, hy Suppliant geen Alarmfchoten zoude laten doen, zoo als zulks alles door gemelde van Brakel was geproponeerd

Sluiten