is toegevoegd aan uw favorieten.

De eeuw der rede van Thomas Paine, ter toetze gebragt.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Leer of Leerftelling, die men door deze Voorzeggingen wilde ftaaven.

Paine herhaald nu noch eens in het kort het geen hij gefchreeven heeft, namentlijk zijne drogredenen die hem beweegen, de H. Schrift of onzen Bijbel niet voor Gods Woord te houden , en verzekerd , dat, offchoon hij geloofd, dat God magtig genoeg is, zijn Wezen te laaten voortduwen, met of zonder Lichaam, het hem niet waarfchijnelijk voorkomt , na dit Leeven te zullen heftaan. ■— Zo denkt een Paine, terwijl nochtans een Socrates hoopte dat zijne Ziel onftervelijk zoude zijn , en een Cicero overhelde , deze Onftervelijkheid te gelooven. — Treurige onzekerheid!

Eindelijk befluit hij zijne Eeuw der Rede, met de betuiging , dat, indien 'er immer een algemeene Godsdienst mogt plaats hebben , deze niet zal bejtaan in iets nieuws te gelooven , maar in zich van alle overtolligheden te ontdoen, en te gelooven , zo als de Menfchen in het begin geloofden ; dat Adam , indien 'er ooit een Adam is geweest, een Deïst wierd gefchapen; en hij vermaandt ieder MenSch dien Gods- en Eerdienst te omhelzen , dien hij verkiest , of maar wil. — Ziet daar de Leer en Godsdienst van den Deïst Thomas Paine in zijne zogenaamde Eeuw der Rede.