Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 31 )

zig uit tot al de mandelige Karfpelbelangeh, die niet flegts aan een byzonder perfoon eigen zyn; als de aanftelling betreffende van Richters, Paftoren, Koffers, Volroagten, Schatbeurders, Collecters, enz. adminiftratie der Karfpel Kerkengoederen, ja al wat tot het gemeen incrert, de Karfpelbeftiering, bedieningen, Kerk- en Schoolonderwyzingen enz. behoort, waarin, by overeenkomft, egter eenige verfchillende bepalingen , wegens onderfcheid van Godsdienft enz. kunnen plaats hebben. Omtrent de adminiftratie dezer rechten blyft de Karfpel ambtenaar,'tzy Heer ,Paftoor, Schatbeurder, of wie hy zy, ook altyd middelyk of onmid* delyk, aan de Karfpellieden, de gezamenlyke ware Eigenaars en Principalen verandwoordelyk; en niemand kan uit zich zelf dit voorwaardelyk opgedragen Recht van adminiftratie ineen erflyk eigendom verkeeren; en kon dus ook niet wettig klagen, dat men hem in zyn eigendom aantafte, als hem zelfs naar't ftrengfte recht de koop opgezegd, en hy van de verdere waarneeming ontlaft of gedeporteerd wierd, wanneer zyn waarneming lynrecht opzettelyk en bewysbaar was ingerigt tegen zyn inftru6lie, of zo hy die niet genoegzaam gelyk betaamde letterlyk hadde, dan ten minften tegen de eeuwig natuurlyke voorwaarde hem in zyn poft aanvertrouwde gemeene welzyns behartiging. Doch 't geven van een bepalende inftruftie zou in 't laatfte geval wel het zachtfte, billykfte en befte wezen. In de verordening dezer Karfpelrechten nu kan niemant buiten het gezamenlyke Karfpel eenige nadere bepaling maken, dan voor zo ver het recht daartoe hem door de onderlinge Karfpellieden uitdruk-

lyk

Sluiten