is toegevoegd aan uw favorieten.

De gronden der natuurlyke rechtsgeleerdheid.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

{. Af».. Natuürlyke Rechtsgeleerdheid. Éf

vermyden, en de aandagt van den geeft van eene1 bepaalde betrachting en begeerte van die dingen terug te roepen, welke of in 't geheel nier, of ten minfte niet zeer van naby, met die neiging van de ziel vermaagfehapt fchyhëh te zyn.

Die heerfchende neiging (als by voorbeeld de buitenfporigë zucht oin te heerfchen, te fpelen, en nergens genoegen in te fcheppen, dan,in 't geen Horatjus noemt vivcre in amore, juthque, [te leven in liefde en vrolykheid] , brengt eene logheid en als eene verlamming te weef* 'van hét vermogen, om op 't gene verkiezelyk qf verwerpelyk is, den rechten prys te ftellen. Zy brengt de ziel onder dien 11 taffchen dwang , dat zy alle goed en kwaad naar mate van deizelvcr overëenkomft of ftrydigheid met dië diep ingewortelde neiging, beoordeelt en afmeet , en daar door gebeurt het niet zelden, dat zij zig weinig bekreunt over de goede of kwade middelen, welke zy te werk ftelt, om haar oogmerk te bereiken. Zo zag men Willem den I., Koning van Engeland, aan de jagt ten mtterften verflaafd, om een boscli van aertig mylen groot, te maken, kerken, klooftere en huizen afbreken, ten einde de wilde dieren te' beftooken in die plaatfen , daar hy weleer over menfehen regeerde.

Dewyl deze llaverny, niet dan zeef moeüyk. te genezen is , moet men by tyds zorg dragen, datzy niet inwortcle : en dit gefchiedt r.) door een aanhoudend eri levendig nadenken op het kwaad, dat daaruit volgt; 2.) door de oefening 9 oin zig dikwils en langdurig die dingen, welke, die neiging het meefte voeden, hoe zeer anders goed en onfchadelyk, te blyven ontzeggen; 3.)

R door