Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

35* JE. IL. IM.

gen, geaccordeerd, den 19 January 1780, doch geregiltreerd in het Refolutieboek van 1779.

JENTJE HEINS. Zie INVENTARIS.

JEPEMA. H. Jepema genomineerd tot Secretaris van de Rekenkamer, den 11 Novemb. 1637.

JESUITEN. Ordre aan alle Grietslieden en Magiftraaten, om de Jefuiten uit haare refpective Diftriften te doen vertrekken en dezelve in 't toekomende te weeren, den 9 Maart 1708.

—— Misfive van de Gecommitteerden ter Generaliteit, raakende 't verzoek van den Bisfchop van Muns. ter, tot 't rappelleeren der Jefuiten in deeze Provintie, den 10 Auguft. 1720.

ILLUMINATIEN. Zie RECEPTIE.

IMPORTANTE ZAAKEN. Zie GEDEPUTEERDEN.

Dut de posfesfte van 't voorfchreeven Jus patronatus ly de rechte Collateurs en Patroonen, te .■weeten de Defchendentcnen nakomers vande Canters ,altei nis vicibus, reclproce zal geconverteerd worden aan de Defchendenten van Timen Jacobs Canter, 't andermaal aan de Defchendenten van Lieuwkjen Jacobs Canter/fer voorfchreeven Heer Innen volle Susters Defchendenten, terwvle fieen meerder nakoomers ofte graaden van de Canters in Friesland in leeven zyn, van dewelke t zelve Jus patronatus geftichtet is; ten ware nogthans dat niemand voor handen ware die onder 25 jaaren NB, ter Schooien of Kerkendienjl bekwaam zyn mogte, in welken gevalle men zonder eenig refpeSt, die nominatie doen zal op den zeiven die bekwaam in 't Geftagte bevonden mag worden: en zo niemand in 't Geflagte ware, iemand anders tot discretie der rechte Collateurs.

En dewyl ingevolge deeze Conventie, niemand zich het recht van Stemmen in deezen kan aanmaatigen , die niet van een der beide voornoemde Contrahenten afltamt, zo is ook ter nakofr«ïing hier van by alle begeevingen van dit Leen, naauwkeurig geobferveerd, dat beurtelings dan «en uit de Stam van Timen Canter, dan wederom een van de Deichendenten van Lieuwkjen, daar mede is gebeneficeerd.

De Collatie van dit Leen in 1782 opengevallen, wierden daar toe door de Gerechtigden geftenid, eensdeels de zoon van den Heer Saco Harmen van Idfmga, Hoofdman in de Hooge Juftitie kamer te Groningen, cn anderdeels de zoon van den Eerw. Eelco Aita Predikant te Bofum, aan welk laatflen het beneficie van dit Leen na ingenomen Advys van de Rechtsgeleerde Faculteit teFraneker, wierd geadjudicieerd. -De Hoofdman////?;^ van gedagten zynde, dat fchoon hy ingevolge de inftelling, geweigerd had te beloven , om zyn zoon "in de Theologie te doen ftudeeren, het niettegenftaande dat aan denzelven had behooren toegewezen te worden, nam zyn toevlucht tot den Heere Erfftadhouder, en adresfeerde zich by Request aan Hoogfhlenzelvén: dit Reqneft door zyn Hoogheid aan de Heeren Gedeputeerden toegezonden, vond men zodaanig opgevuld met kefive en eerroovende uitdrukkingen, dat Hun Edel Mogenden de Heeren Staaten, ten üiterften verontwaardigd, gepermoveerd wierden, te handelen als in bovengenoemde .iUfr.i ;tic word vermeld.

m.

IMPOSITIEN. Confent van Westergoo , tot het introduceeren van zekere Impofitien op de Koopmanfchappen, als Wynen, Bieren, Boter, Graanen enz., den 15 April 1574.

■ Ordonnantie en Reglement op de Impost in Friesland, aangaande het aangeeven , het verklaaren van de gedestilleerde Haven of Plaats, het betaalen dier Impost, en de vifitatie voor de uitvoert of de ontlaadinge van alle uitgaande en inkomende Goederen, aan Impost fubject zynde, den 20 Decemb. 1574.

■ Aan fchryving tot publicatie V3n een Copye van zekere Inftruftie op de Impofitien, denn Febr. 1575.

—— Advys over het al of niet

affchaffen der Impofitien, den ijuly 1575-

——— Ordonnantie en Inftruc¬

tie, op het ftuk van de contributie van den opheve van den Impost op de

Sluiten