is toegevoegd aan uw favorieten.

Aan de leezers van myn Uitlegkundig woordenboek van de schriften des N. Verbonds.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

christus. 95

B. meis — ipfe devoveri, atque folus (ne tam multi id fatum expenantur) Christi beneficie- Eccleficeque jure carere. En voegt 'er in de Aanmerking bij: Non opus est, ut hic follicite requiramus, an id jus fas fusrit Pantum decernere; rem fciebat fieri non posfe, fed ejus rei defcriptione utitur, ut candidum ftudiofisfimumque in

Judaeos animum ad aiios informaret.

Indien 'er aan deeze woorden anderszins geen goede zin te hechten is, zou men hierin kunnen berusten. Doch liever zou ik de volgende verklaaring omhelzen. 'A'jxSsua èivm {eene vervloeking zijn) is, volgens Joodsch gebruik, hetzelfde als gedood worden, fierven, dewijl de zulken, daar de vloek 0taB^pca) over uitgefproken was, moesten gedood worden, volgens Levit. XXVII. 29. Zie ook Jof. VI. 17 en 21, alwaar, in plaats van zij verbanden alles,moet zijn, zijdoodden alles, en zo ook op andere plaatzen. In het volgende , ctn'j ra (van Christus.) kan xtto gevoegelijk betekenen om, wegens, ter zaake in welke betekenis dit woord bij de H. Schrijvers meermaalen voorkomt: èx v,H-jmto cltto ts c%Aa (Hij kon niet van wegen de Schaare.) Luk. XIX. 3. tfcrt ts vfydteg rw )%Srjw (van wegen Je menigte visfchen) Joan. XXI. 6. dzo rs QoBa (uithoofde van vrees.) Matth. XIV. 26. cltto t>fg Sófy/g re Occrog (van wegen het glansrijke licht), Hand. XXII.

11.