Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

345

Gedoog dat onze erkentenis, Hoe zeer 't ook maar van kindren is, Een dankbaar hart u op moog' draagen: U, zonder tooi of vleierij, Eenvoudig, de eerftelingen wij' Van 't geen men wachten moog', bij 't rijpen onzer dagen.

Waaruit en Staat, en Stad, en Kerk heur nut moog' leezen, In 't vormen ook van 't nagedacht, Zij, onder Christus merk, die eerprijs toegedagt Die eens, hier namaals, 't loon der zuivre deugd zal wcezen.

Uw Achtbaar- en Eerwaardigheên, Die fteeds hun tijd in werk befteên,

Vere 17'§80.

Voor mijn Zoontje.

Y 5

BIJ-

Sluiten