is toegevoegd aan uw favorieten.

Historie van den heer Willem Leevend.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

WILLEM LEEVEN D. III

Ik zal uw gehoor noch met zyne vuiligheden, noch met zyne lasteringen pynigen. Onder het desfert haalde hy zyn Brieventas uit; ik zag, zonder er notitie van te neemen, dat er verfcheide Brieven van Leevend in lagen. Dit fpcet hem: hy deed het zeker om myn aandagt daar heen te leiden. Is dit, ("zeide hy tegen een Heer, die naast hem zat,) is dit niet een fchoone hand voor een aanftaanden Domini. Dit werd toegeftemd. Ik zweeg. Hy ging voort met Leevends bekwaamheden , zyne amourette , zyn gevcgt met den Jonker, en van zyne vriendfchap voor hem , Jambres , te praaten; en voegde er genoeg by, om my te doen befluiten, hoe Leevend thans denkt, doet. Ik fchreef hem ook hier over eenen ernftigen Brief; maar zyn antwoord is zo onbefcheiden, zo dreigend, dat ik my voortaan wagten zal, van my met hem ergens meer over intclaaten. Ik heb ook van Goudenftein aangetroffen, die thans met Jambres veel omgaat. Hy is zeker een ruwe trotfche knaap, die weinig verftand heeft, maar hy kan echter oordeelen over dingen, die hy heeft bygewoond. Hy verhaalde my : ,, dat Juffrouw „ Roulin op Willem verliefd was geworden, en ,, dat hy haar, onder belofte van te zullen trou„ wen, gedebaucheerd had ; dat hy , taamlyk ,, voldaan zynde, dit naderhand had geweigerd; „, dat Juffrouw Roulin , voorziende Moeder te „ zullen zyn , voor zy Vrouw was , in eene

dood-