Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ï2S2 NIEUWE NEDERLANDSHE

Maassluis.

Req.vat, Maas. /luis tot kwydfchelding van verpondingen.

nengeneeren, byzonder niet mét de Landbouw, die hunDe Nabuuren ten allen tyde een min of meer gelukkig beftann bezorgen kan.

Dat de Supplianten , die dit alles op onderfcheidene tyden ter kenniire van Zyne Doorluchtige Hoogheid,den Heere Prirce van Orange en Naflau, hebben gebragt, en eene nodige voorziening hebben geimploreerd , en daarin niet verder hebben gereuffeerd, als dat andere Trouppes op eene min bezwaarende wyze zyn gezonden en aldaar nog gehouden worden, en dus men natuurlyk diend te begrypen , dat de beveiliging en zekerheid van hec gemeene Land geconfldereerd word daar door te worden bevordeid.

Dat de Supplianten zich durven verzekerd houden, dat Uw Edele Groot- Mogenden, begrypende, dat de voorfz. Trouppes binnen Maasfluis met zyn gelegd alleen tot beveiliging van deze Plaats maar tot dekking van het geboste Land, tegen onvoorziene aanvallen van den Vyand; en dat dus Uw Edele Groot- Mogendeo zullen befeffen, het geheele Land verpligt is, om in het bezwaar, het welk Maasfluis bereids heeft gedrukt, en hetzelve zekerlyk zou doen te gronde gaan, aan de Supplianten te gemoet te komen; en dat gelyk de Supplianten zich alleen door de toevallige onkosten, door het voorfz. Cantonnement meeftendeeis veroorzaakt, en verder door de langduurige ftilftand der Vilfcberyen verergerd, volftrekt buiten ftaat bevonden hebben om de ordinaire Verpondin. gen over de Jaaren 1780 en 1781 ten Cornptoire Generaal op te brengen-, of zulks nog te doen, de Supplianten mogen verwagten, dat dezelve Verpondingen aan hun mogen worden geremitteerd.

Weshalven zo keeren de Supplianten zich tot Uw Edele Groot- Mogenden, ootmoediglyk verzoekende, dat het Uw Edele Groot- Mogenden goedgunftig mag behaagen ,omme ter zaake voorfz. zodanige voorzieninge te doen, als Uw Edele GrootMogenden naar derzelver gewoone aequiteit, ter

fcha*.

Sluiten