Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van EZECHIEL. Hoofdd. XXX. 511

en dat dien oorlog van Nebucadnezar weten dat iic door Mijn befluur over Egypte gebragt is. ft» 26. Daarop zal de verftrooijing elders voltooitzwaard in den

, 1 . Vll,sl van Ba.

worden , tot bevestiging van Mijne bedrei- i>eh Koning zal ging, in hare volkomenheid. gf™ hijtt

zwaai/en. VI. 16. Daarop zal Ik de Egyptenaar; onder de°volkSw?.' 3ebèvab 'ben" ^ ''* imAfa verftroolJen i 20 z"Ueu zij weten dat Ik

TXXXIfte wee maanden later, in het beginH00FD»mvan de maand, zijnde nog het jaar van gebeurde Jerufalems beleg, en vrugtelooze hoop op£,rj,,eop e,dfd* ontzet door Egypte, werd ik met Jehovahs ecr(l'en de openbaring weder nader begunftigd; waar ttl^ j™Zbs door ik in de denkwijze van den Egypti-lCS,.?1 fchen Monarch nader onderrigt bekwam, het vs. 2. Menwas: 2. Sterveling! fpreek in uwe verbeel- ^kp*^1 ding Pharao met zijn heir in bewegino-,Koen in verwaande moed dus aan: fe d^aan-

Wie was u in grootheid nabij? VS. 3. Ziet! Stden, een Libancnfcbe ceder, fchoon van loef en kroon

HooS van ftam, wiens flijgende febeuten zich tusfehen de takken verbergen.

Wat verbeeld gij u van uw macht om aan eenen Nebucadnezar het hoofd te kunnen bieden. 3. Het beste het geen men van u zou kunnen zeggen, fchoon gij Asftjrie in grootheid voorbij fleegt, fchoon reeds ondergegaan is; dat gij eenen fchoonen ceder zijt van den Libanon, de hooglfe van ftam , met zwaare zijdtakken , digt van bladeren, en naar evenredigheid niet minder gezet van ftam, en die nog veel meer beloofd dan de vorige loten die boven de kroon uitftekeu. 4. Zijn ftandplaats

vs. 3. Ziet ik wil u vergelijUn bij; zo leest Mtct.Aët.ts met verandering d,er pmltatie ; ik heb daar voor zeer veel neiging, om dat ik de eigenfehapptu van den boom, cn de oorzaken van zijn groei het K k 5 bjst

Sluiten