Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ROMANCE. 29

't Geklikklak van het rammlend ftaal;

't Gedreun der harrenasfen, Al krijfchend hortend tegens een,

En krakende rondasfen!

Zie daar 't gefchreeuw van bloed en moord , Doormengd met woedend gillen,

Dat harten, niet in 't bloed gevoed, Van fiddring dwingt te lillen!

Zie daar al 's oorlogs ijslijkheên,

In één geluid vereenigd, Zich opdoen aan des Ridders geest,

In één verwarde menigt'!

Zie daar zijn ftll, zijn peinzend oog

In eens ten krijg ontftoken! Zijn' hals zich (trekken naar 't geluid!

Zijn bloed in de aders koken!

Hij fpringt, (de Rhijnzwaan vloog hem voor)

En, fpringende de boorden Des kabbelenden waters op,

Barst los in deze woorden:

Zie

Sluiten