is toegevoegd aan uw favorieten.

Verhandelingen uitgegeeven door het Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen te Vlissingen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ï36* j. p. michell antwoobd

io Slaaploosheid. — Dit is mede een der eigenaartigfte toevallen, der Febres Catarrhales. — De lyders kunnen in den beginne der ziekte, zo als zy zich uitdrukken, de jlaap niet vat*

i~" fcnoon ZY niet zelden door llaaplust overvallen worden (h) Het gebeurt fomwylen dat zy in den flaap raken, dan deze wordt alle oogenblikken, door benaauwde droomen en ichrikken afgebroken; — en zy worden dtyd benaauwder en ongeruster yakker. — forestus ondervondt dit in zich zelve (i), en stoll heeft dit ook in zyne zieken waargenomen.

li. Ue tong. — Deze geeft ons, in deze koortfen, geen zeker kenteeken aan de hand. In den beginne is zy droog, en fomwylen met een flymkorst bedekt. -- Naderhand worden die kortten drooger, hardachtio- en met Icheuren, welke zich met het afnemen'der ziekte affcheiden; — fomtyds is zy als met een vischlym overtogen; — in andere gevallen blyft zy Zuiver; — in andere door de fprouw pedekt, '

(h) Zie CRELL '/. c. 0) Loco Cfag. iJO>