Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

alpheus en kleöpas. 341.

Alpheus, naar de Hebreeuwfche wijze m(et een rr (Hhet) gefchreeven zijnde, 'jö?n (Hhalpai), zoo wel door Cleopas als Alpham konde worden uitgefprooken; het welk door anderen geftaafd wordt (x), uit het boek van een* Joodsch Schrijver (y), genaamd Juchafin, fol. 92. 1, die aanmerkt, "dat; „ (Cbilpa Vehu llpd) mf\ KöWl

„ Cbilpba bet zelfde zij als llpba, in „ het Grieksch kan uitgefproken wor„ den, of Cleöphas of Alpheus"; om dat de zwakfte keelletter « (Aleph), met eene veel fterker n (Hbeth) kan verwisfeld worden, en op die wijze Hbalpbai, (of gelijk anderen fpreeken Chalpbai), zoo wel als Alphai kan worden uitgefprooken.

§. 64. Het is zeker, dat naar de gronden der Hebreeuwfche Letterkunde, de medeklinkers, die met het zelfde werktuiglijke gedeelte des monds worden uitgefprooken, voor ai de keelletters, dikwils, naar de verfcheidenheid der Tongvallen, onderling worden verwisY 3 Mi

00 Verld. der II. Schrift van de Eng. Godgel. over Johannes, uit gill en doddridge, bl. 254.

(y) Zijnde Rabbi Abraham Zachus. buxtorf .Biblioth. Rabb. achter de Abbreviat. Hebr. p, 295.

Sluiten