Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ÏÖ RUSLANÖ ËTï SIB'EUIEN1.

Jaaten. In den jaare 1175 volgde Mifchel zynen broeder Andrée in de Regeering als Groot Hertog op, na dat in den jaare 1158 den zetel van het Ryk na Waladimir was overgebragt: Deze Andrée lag de eerfte gronden van den ftad Shofeors, alwaar in den jaare 1220 door de Mogollen groóte verwoestingen wierden verwekt, ten zei ven tyde wanneer deze de Tartaaren van Kipjak regeerden. De Mogollen hielden een groot gedeelte van dit Ryk onderworpen tot 1540, wanneer Johan Bafilowits de volkomene onafhanglykheid verwierf, de bezittingen van dit Ryk zeer vermeerderde, doch zich te gelyk aan groote wreedheden fchuldig ftelde; in 1522 onderwierp hy aan zich de Tartaaren van Cafan, twee jaaren daarna het Koningryk Aftracan: Ongelukkiger was hy in 1579, wanneer de Zweeden en de Duitfche Ridders, benevens de Poolen, hem noodzaakten onder de bemiddeling van den Paus Gregorius XIII de vrede te» vraage, die zulks door het zenden van eenen Jefuit gelukkig volbragt; Hoofdzaaklyk, om dat hy beloofde de kerk van Ruschland met die van den Heiligen Stoel te vereenigen, waarin hy egter na de bekomeue vrede zyne belofte niet volbragt. Hy liet tot opvolger na, zynen zoon Feodor, die als

Czaar

Sluiten