Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TREURSPEL. z9

Men vluchte met den brief naar IIus, myn' Gemaal. Gy weet reeds dat die held , met glori overlaaden, De vrede in Troje heeft herlteld door dappre daaden. Men 'vyke,enkoora'methem, die nooit wierd overmand, De waarheid toonen met den blikfem in de hand.

Maar hebben we in dievluchtgeeii'tegenftand te vreezen?

Myn laage ftaat, een ramp, die fomtyds nut kan weezen , Helpt my u dekken voor des Dwinglands achterdocht. Mevrouw! de kielen, daar gy Azor om verzocht, Zyn vaardig, en gy zult, na morgen, hiernletbeiden. 'k Volg u naar Troje , alwaar myn bende u zal geleiden. 'tSchynt dat deHemel, door 't verwekken van dien fpoed, In onze ontwerpen zelfs uw haaters werken doet. Ach ! gaf hy, door 't verlies van myn verachtlyk leven, 't Welk door een braaven dood alleen kan zyn verheven» Dat ik, geringe flaaf, het roemryk iverktuig waar' Om een' doorluchten Vorst te redden van 't gevaar!

polidoor, zelmire.

'tot polidoor.

W at eedle ziel, Zelmirei in zulk een' laaggeboren'! 1 Wat les, die Koningen ongaarne willen hooren ! i Wat Vorst vernedert zich voor 't arm en Hecht Gemeen? (Gedenken we ooit aan hen in bun rampzaligheên? ;Zyn ooit onze oogen op hun duister (land geflaagen ? IHun yver durft nogthans voor ons het uiterst wagen, En toont, verr' dat die fmaadby hen ftrafwaardigfehyu', lEen menschiyk hart voor ons , als wy in lyden zyn.

Maar laat ge dus uw' Zoon , zo tïder opgetogen , IDe vreugd myns ouderdoms, den wellust myner oogen , lEy onze rasfe vlucht ten prooije aa-n 't- wreed gezag

polidoor.

de sol daat.

VIERDE T O O N E E L.

Eens

Sluiten