Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

~( s-s j—

fenlgen eigendom bezit, wordt hetzelve ondraaglijk bezwaard door belastingen , welke hem het gepot van het verkwiklijke des leevens onmooglijk , en de~vervulling van deszelfs noodzaakelijke behoeften zeer moeilijk maaken. Wat lust kan , onder zulke omftandigheden , de mensch hebben , om voor zijnen geest te zorgen, daar hij fchaars de eifchen van zijn Iigchaam voldoen kan? Het zekerde middel, om den mensch aan denken , aan opheldering des verftands , aan werkzaamheid van geest te gewennen , en de zucht tot volkomenheid in hem optewakkercn , is ie liefde tot zijn eigendom, het heilig, ongekrenkt bezit van het zijne , en het verzekerd voordeel van zijne uitvinding en arbeid. Hierdoor wordt hij tot werkzaamheid uitgelokt, tot beoefening zijner zielsvermogens opgewekt, en gaande gemaakt, om ook dat te leeren zoeken, en fchatten, welk het gerust bezit van het zijne verfchoonen, veredelen, en veraangenaamen kan. Maar Godsdienst en Deugd, vlijt en verlichting zijn zonder kracht , zonder vrucht , zonder gevolg voor het geluk, wanneer hij geen eigendom heeft, ofgeduurig vreezen moet, het te verliezen'; wanneer hij van alle kanten onderdrukking en knevelaarij gewaar wordt. Zijn oog blijft duister, zijn verftand zwaarmoedig, zijn hart ongevoelig, néérflagtig en laag, wijl op elke drijfveer zijner ziel , welke hem tot edeler werkzaamheid aan kon fpooren , een zwaar, overwegend, tegenwigt van drukkende lasten ligt.

5. Aldaar ft, insgelijks, weinig verlichting en verbetering onder de geringe clasfe van menfchen te ver-

wach»

Sluiten