Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ZANGSPEL. 23

LAURETTE. Voorzeker. Alhoewel myn vader d'overvloed Niet in die ruimte, als andren , werdt gegeeven, Zo leefden we echter, op ons goed, Gelyk'tbetaamt aan liên van aanzien, fteeds teleeven;

En zo 'k niet vreesde voor de groote oploopendheid Myns vaders, (de oorzaak dat hy, tot myn groot genoegen Gedwongen wierd , zich naar deez' landftreek te vervoeHad ik myzelf, voorlang, alreeds bereid (8en') Te zeggen, dat ik kan aan Florestan behaagen, En 't zyn voorneemen is om my ten echt te vraagen. BLONDEL. Is "t niet dc gouverneur van dit kasteel?

LAURETTE.

Ja wel.

BLONDEL.

En daar uw vader nog niets weet van zyn verlangen. Zult gy intusfchen hem deez' nacht by u ontfangen?

Deez' nacht verkiest ge, opdat hy u verzeil' En fpreeke , die fteeds op uw weêrmin aan blyft dringen?.. Hoor toe, 'kzal voor u eens een aartigliedje zingen. LIED.

Hy die ons leert hoe men mint,

Zyn zyne oogen fteeds geblind. Hieruit mag men vast vertrouwen,

Dar dit hartverlokkend kind,

Zich meestal 't gevaarlyksi vindt, Waar wy geen licht aanlchouwen.

B 4 LAU-

Eerfle Bedryf,

Sluiten