Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EN HET OOSTEN. aa?

gemaakt. Hij fprak met mij van een zéker geval; dat hem te Petersburg ontmoet was, en den heere /epinus tot weinig eer verftrekt, indien hij zig zó gedragen heeft, als de heer diderot verzékerde. Maar évenwei moet ik mijne anekdoten van dezen man, die iigtlijk nog meer dan een geheel blad papiers zouden beflaan, eindigen. Hetgeen ik tot hiertoe aangehaald heb, dient alleen, om te tonen, met hoe veel onwaarheid en verkeerdheid men in zo ménige nieuwstijding van zijn vertrek uit Petersburg gefproken heeft, als of de keizerin hem niet langer had willen daar houden; want het was juist het tégendeel (*). ' H

(*) Hier komen nu in dezen brief bijzondere zaaken voor. En dezen zijn ook het onderwerp van éénen der volgende brieven, uit Amfterdam van den 7'i™ van louwmaand 1775 , welke egter op het einde dus luid: „ De heer overftelieutenant daiii> „ berg, in wiens huis ik dezen brief fchrijf, heeft mij gelast, ,, u te groeten. Hij kwam met zijne egtgenoote, in het jaar „ !77ij herwaard naar Amfterdam, en denkt in bloeimaand aan„ ftaande naar Surinamen te kéren. Hij is niet ongenegen, om „ zijne ganfche bezittingen in Amerika te verkopen, ten einde ,, in zijn lieve vaderland gerust televen, ener den grooten vader „ zijns Iands op den troon te bewonderen. Het zou goed wé,, zen, indien men in Zweeden de magnétifche kragt en eene zo „ innemende hoedanigheid had, dat men vreemdlingen met hun „ geld in het land kon trekken. Maar het is altoos een voor-

naam gebrek, arm te zijn, en den s;eenen, die iets meer dan ,, anderen heeft, ja zelfs die iets meer verftaat en weet, te be„ nijden. Hebt gij het fchoon gefchenk gezien, dat de heer „ overftelieutenant aan zijne majefteit gezonden heeft ? Het be4, ftaat uit 186 foorten van kruiden, allen met derzelver bloe-

Sluiten