Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

óm Gods Almagt in de Scant. tb. beschouwen, i6$

bij weigering van dien voer zijnen toorn en ftraffen te vreezen hadden En uit dien hoofde was het ook, dat de fenranderfte onder de Heidenfche volken hunne medemenfchen tot deugd en godsvrugt willende opleiden, hun de Almagt van.God, door het gefchapene, voor oogen ftelden, om daar door al het nietige en vergankelijke van deeze onze aarde te doen verachten, en deugdzaam te leeven gelijk onder andere voorbeelden, duidelijk blijkt uit eene* aanmerkelijke vermaamnge van den fcfaranderen Heidenfchen Wijsgeer Stntea, Wanne er hij zijnen medemensen de beoefening der deugd aanbeveelt, en zegt f*Y niêé V feen' om dac 2e in ^ar eigen aart eene fdele zaak en " ^? een |roote/egen is, vrij te zijn van kwaad, maar

3e kennf df feS» meC' ^ bekwaamma'ak to[ „ de kenn s der Hemelfche dingen, en verwaardigt tot de „ vereeniging met God ('*>. Dan, (vervolgt hi vJrder? „ heeft de ziel volkomelijk alles, wat den menfchen kan „ wedervaaren als zij, alle kwaÜ te boven zSnde .ich „■ om hoog verheft, en waarende tusfchen de Starren ' hier „ boven, z,ch vermaak, met de aanzienlijke gebouwen dS ,, J&gtigen en alle de Rijkdommen der Aarde, tè bef „ lachen: met eerder kan zij de gallerijen en gewelven van - I?kevifveens defof fc\00'-\bosfcheJn, en oe vermaake„ luke vijveis, tot in hunne huizen afgeleid, verachten „ voor dat zij de gantfche wereld heeft omgewandeld en „ van boven naar beneden ziende op deezen kleinen kloot „ voor het grootfte gedeelte bedekt met zeeën voor

• 33e'ofordlg',en °^aan den eenen k™ i

„ dende of aan den anderen kant bevriezende bit

" iSe'voS :rerS dk k,dne ftiP ' dat »ï " Jrb h„ i VUU1' en te zwaard verdeeld wordt *

„ ach! hoe be achtenswaardig zijn de grenzen der ftervel „ Imgen! terwtjl die rivier dat volk van een fche dl dat

" anSeEn%ïer.bepaa^/n die WOes"> wéder" een „ ander' En zeker.de wereld is niet dan een ftip waar „ op men zeik, waar op men oorlogt; en wa op men Koningrijken verdeelt. Maar boven zijn ovemoo» ruimten, tot welker bezitting de ziel wordt toegeven

» Zlch hebbe °^rgebragt, dat zij zich gezuiverd hebbe

van

(*) Nat. quaest. lib. i . pracf. (**) Qjfi »n conforiium Dei totniaü'

M 2

Sluiten