Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

D E

HOLLANDSCHE WEEKLYKSCHE

NIEUWS-

VERÏELDER.

Den 5 Maart 1785. N°. 10.

Het getal der Dooden van de voorgaande week is 15T. Van elders verneemt men de volgende Byzonderheden. Extratt uit een Brief, gedagtekend Nasfau den 3often Oclober 1784. Wy hebben door een Particulier onlangs uit Nieuw-Orleans het volgende verfiag ontvangen, van eene Conferentie, gehouden te Penfacola> in de maand Juny laatstleden, tusfchen de Gouverneur, den IntendantGeneraal van Louïfiana en de Opperhoofden der Indifche Natiën van Chickfaw en Creek. Twee dagen, voor die, welke tot het houden der Conferentie bepaald was, wierd van de aankomst der Indiaanen door den Heer Macgilvray kennis gegeeven, die den Gouverneur Miro bericht zondt, dat hy zyn boodfchap ontvangen en die aan de Chefs medegedeeld had; dat zy toegeftemd hadden in de beftemde Plaats en reeds op weg waren. Omtrent 1500 Chickfawers en Creekfers kwamen op de bepaalde tyd, die door de Gouverneur, den Intendant en de Colonel Oueil, Commandant van Penfacola, ontvangen wierden; een der Opperhoofden gelastte den Tolk om de kleine Koning der Spanjaarden (zo noemde zy de Gouverneur Miro) te zeggen, dat zy zyn boodfchap ontvangen hadden en gekomen waren , om te hooren, wat hy te zeggen had. De Gouverneur liet door den Tolk berichten, dat de Vrede tusfchen hunne oude Vrienden en den Koning zyn Mecfter herfteld was: Maar dat de Engelfchen gedwongen waren geweest, om hen al het Land afteftaan welke zy te vooren bezéten hadden, tot in Georgiën; dat hunne groote Monarch, zyn Meefter, hem belast had om de Natiën van Chickfaw en Creek te verzekeren van zyne genegenheid en begeerte om met hen in Vrede te leven. Deeze redevoering geëindigd zynde, zo antwoordde het Opperhoofd der Indiaanen, dat zy geene Natie voor hunne Opperfte erkenden, en dat zy nooit onder Spanje of Frankryk zoude bukken, zo min als onder een ontrouw en ondankbaar Volk, die zich Amerikaanen noemen; en hoewel hunne goede Vrienden ongelukkig waren geweest, om oproerige en verraaderlyke Kinderen te hebben, die door hunne ondankbaarheid hunne oude Bondgenooten gedwongen hadden te verlaaten; dat niets ia

E 3 üaaè

Sluiten