is toegevoegd aan uw favorieten.

Dagverhaal der handelingen van de representanten des vrijen volks van Vriesland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 233 )

Commisflen die van daar bij ons zijn geweest. — Zie hier onze bevindingen, waaruit duidelijk zal blijken, dat bijkans alle Leden van den Gerechte van die Stad (voor deeze Provintie van het groottte aanbelangd behooren onder de gevaarlijkltc aanhangers der gewczene Representanten, —• de fterkfte voorflanders van bun fisteina van geweldzijnde; dat zij met alleen dit voormaais hebben betoond, maar zelfs nog hunne vijandige oogmerken, tegens dc 'cgenwoordige orde van zaaken , niet kunnen bedekken, en op alierleije wijze onrust en verdeeldheid zoeken te zaaijen: ja zelfs, 0111 die tot in de Reprefentatie op eene bedekte wiize te brengen. Zie hier dc bewijzen van dit alles:

Ten eéiftén: De bij U-lieden bekende felicitatie-brief, door hun aan de gewezen Reprefentanten gezonden, wanneer dezelve zich weder met geweld hadden meester gemaakt, waarin zij niet alleen hun daarmede geluk wenschten, maar dc honendftc en belcdigeiifte uitdrukkingen tegens de voorftanders van 's Volks Rechten bezigen , — hunne pai tijdigheid dus op de fterklte wijze aan den dag leggende. .—■ Zij zijn ooi; zeiven van hunne ichuld in deezen zoo wel overtuigd geweest, dat twee hunner Leden, bij 't gelukkig herftel van zaaken, vlugteden,

waar onder de Steller van dien mislive. Zich nu niet meer als

openbaare vijanden durvende vertoonen, werken zij onder de hand, laaien, ten tweeden, hunne Stad weerloos, de Burgerwachten intrekkende, zoo dit Gij-lieden noodzakelijk hebt gevonden, om, op klag-. ten van de Schutters Sociëteit aldaar, eene Commisfis uit U-lieden naar Harlingen te zenden, uit wiens rapport U genoeg zal blijken, wat Gijlieden van hen kunt verwachten. Vervolgens door ons aan het

Con tnitó van Waakzaamheid aangefchreeven zijnde, om zich tc infortpeeren naar de omwerpers en ve zenders der bewuste felicitatie - brief, als mede naar de oorzaak van 't fufpecte vertrek der twee Leden van 't Gerechte, wijzen zij dezelve op eene onvriendelijke wijze af, of beantwoorden hen met uitvlugten; — zoo als mede gebeurde, wanneer wij, bij de terugkomst van die twee Leden, het Commité gelasten, om te verzoeken, en des noods te protesteereii, dat dezelve geene Zitting namen, tot ons de oorzaak van hun vertrek zoude bekend zijn, en hetzelve deeze onze last uitvoerde, zich hierbij houdende, a's qI dat Commité dit op eigen gezag deede, en zij dus eerst moesten wecten hoe verre dat uitftrekte, fdioon hetzelve duidelijk verklaarde, het in last te hebben, waardoor dus ooit liïe Leden weder Zitting namen , en door hun Prefident wierden aangezegt. Dat Gerechte

zich ten zeiven tijde, met dceze valfclie veronderftelling, bii U-liedcn adresieeremle, om U dus listig eene invloed van de Commité's te doen gevoelen, die nergens befiond, als in hun voorftel, vraagen de daarin guarantie,, dat door 't abfent zijn dier Leden uit de Vergadering, geene fchaade aan dc goede Burgerij vvierde toegebrngt; daar zij aan ons ia antwoord gaven, to^u wij genoodzaakt waren hun die esplicatien te vraagen, die zü aan hun Commité hadden geweigerd, dat zii uitgingen zonder daaromtrent elkander nekenfehap te vraagen, 't zij 0111 hunne affaires als anderzints; wonende dus in alles, dat zij'-lieden niet anders bedoelen, als misverltand te verwekken, om-dus de tegenwoordige gelukkige rust en orde te veritóoren.

Wij willen uwe aandagt niet verder als bij deeze hoofdtrekken bcpaalen, om niet al te langwijlig te worden, daar de verdere bijzonderheden uit de ingekomene ftukken blijkende zijn. . Doch geeven U-

Lfeden in overweging, of de zekerheid van eene zoo belangrijke Stad als Harlingen niet eifche, dat hieromtrent voorziening gefcliiede, cn aldus aan de wehsch' der weldenkende Burgers aldaar, menigmaalcn aan P 5 ons