Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ZAAKELIJK P/amen.

Cap. vs.

Eenige Aanmerkingen van Eichhoïn over de Opfchriften der Psalmen. B. 18—25.

XUxl m ' 1?' } zie matth- x^v"= 24. XLVIII:2, 3. Toegelicht door Schutte. B. -278—"80 LI: 12. Joh. VIII; 36. Rom. VI: 4, 18. 2 Cor. V: 17. Eph. JV. 18, 24. In deeze plaatzen komen voor: bijzondere naamen van den ftaat der Genade, waar van reden gegeeven wordt door Aitton. B. 509, 510. LVIII. Algemeene aanmerkingen van van Nuys Klinkenberg over deezen Psalm. B. 169—171. LVIII: 10, 11, 19, Deeze Verzen door denzelfden Aucteur opgehelderd. Ibid. 171, 172. LXXIII: 24»; Vertroostende vermaaningen , daar nit afgeleid , tot opwekking en beproeving van 's Heeren volk, door Avinck. B. 526 —528. CXLIII: 2. Verklaarende en Toepasfende Aanmerkingen van Ten Brink daar over. B. 174—180,

Spreuken.

Algemeene Aanmerkingen van van Nuys Klinkenberg over dit Boek. B. 357— 359. X: 9. 1

XIII: i. r-Aanmerkingen daarover. B. s&i. ";8t XV: 24. J 0 4' 0 5

XXIXt 2. Tichlers Tafereel over het eerfte gedeelte van dit vers. B. 432, 433.

Prediker.

Algemeene Aanmerkingen van van Nuyi Klinkenberg over dit Boek. B. 359,t 360. XII: !. Vertoog over de noodzaakelijkheid en voórdeeligheid eener vroege Bekeering. M. 296—313.

AI-

Sluiten