is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuwe Nederlandsche bibliotheek, waar in beoordeelingen en berichten van verscheidene boeken en kleindere geschriften benevens eenige mengelstukken, worden opgegeeven

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

44Ö Y. VAN H A M E L S V F. L D.

Dit Deel behelst Hechts twee Hoofdftukken, naamlijki Het vijf en twintigfie , bevattende in twaalf Paragraaphen of Afdeelingen bet vervolg van de verdediging der Geschiedenis fen des Ouden Testaments; en hetzes en twiniiefle HoofdHuk, in vijf afdeelingen , de Gefchiedenisfen des NieuwenTestaments, of die der vier Evangelisten en Handelingen deiApostelen verdedigende.

' Van het beloop van dit Werk en des Auteurs handelwijze, in onze voorgaande Uittrekfels genoeg gezegd hebbende, hebben wij op ons gemaakt voet fpoor flechts voort te gaan, en , door het mededeelen van eenige bijzonderheden uit dit Deel onzen Leezeren van deszelfs nuttigheid en belang te ovei tuigen.

Nopens de' telling van Ifraels Volk door David, q. Sam. xxiv. en i Chron, xxi. , was in het tweede en derde Deel, reeds het een en andere verhandeld; doch hier wordt nog de tegenwerping beantwoord, hoe her mooglijk zij, dat zulk een verbaazend getal van menfehen in Davids (v) Koningrijk gevonden wierd, en ofwel ooit het Joodfche Volk zoo talrijk was? Om deeze tegen wet ping ;weg te neemen, merkt de Auteur, te recht de volgende drie bijzonderheden aan:

„ Foor eerst, het Land, door de Ifraè'liten bewoond, ftrekte zich veel verder uit, dan men gemeenlijk denkt; de Sijrifche en Arabifche Woestijnen ren Oosten tot den Eufraat, ten Zuiden tot aan deiloodeZee, behoorden 'er ook toe. Ten tvoeeden, dit Land was zeer vruchtbaar, en over het'algemeen zeer volkrijk. De berichten van Josefus des aangaande, zijn zeer fterk, en gaan bijkans het geloof te boven, indien hij niet fprak van dingen , die in zijnen leefitijd plaats'hadden, en die ook door ongewijde Schrijvers bevestigd worden. Hij meldt van vlekken in Galilea, die vijftien duizend Inwoonders hadden, en de talrijkheid des Joodfchen Volks, is bijzonder op te maaken uit de .berichten van deezen Gefchiedfchrijver; aangaande den laatften Oorlog met de Romeinen. Ten derden, men moet beden*

ken,

(£) La Bible erfin &e. pag. 340. Saml & David Tragedie pag. 38. 'Vombhtir. Glauben §. 77. png. 235. Sommigen neigen daarom tot de gedachten, dat deeze geheele gefchiedenis zou in^efchooven zijn; het welk alle gronden van oordeelkunde tegen zich heeft, om dat zij in de beide verhaalen, zoo der Chronsken als van Samutl, gevonden wordt.