Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

356 Levens-b ij z onderhedkn

Pompejus en Caesar hadden beide de heerschzuchc van hunne hoogmoedige begeerten, maar de geheime (taatslisten van Sulla geieerd. Zij wilden beiie het volk eer<t verdeelen, gelijk hij, en in oneenigheid inwikkelen, op dac het met zonder eenen nood koning oï Dictator uit elkander komen, en hen dus noodig benben mogt.

Dif alles hadden zij beide meesterlijk bedreeven, totdat het er op aangekomen was, wie onder hen beide Dictator zoude zijn. Daar over hebben zij elkander den hals gebrooKen, en het gantfche Romeinfche voik moest aandeel aan deezen twist neemen, om bunnen/twist met hun bloed te belhsfen. Het lot was eindelijk , gelijk wij gezien hebben, aan de zijde van Caesar gevallen, en bij werd hierin andermaal aan zijnen leermeester Sulla gelijk, dat hü mee foldaaten bevestigen wilde, wat hij met foldaaten bevozten had. ftDe geheele Romeinfche Republiek was nu een roof van zijnen degen geworden; die niet hooren wilde, die zou roer geweld genoodzaakt worden («). Dit was C aes a r s eerfte Macbtayelfche ftreek, en de andere ging over de goederenen hec vermogen der Romeinfche burgers. Zij zullen mij eer gehoorzaamen, -was het zeggen, wanneer zij arm geworden zijn; deswegen wilde men op allerleie middelendenken, om het vermogen der rijken onder elkander te verdeelen. De g?woone akker-handel moest daar toe dienen, en daar werd zulk een fpel roet het publiek Crediet gedreeven , dat dc foldaaten benevens de gunstelingen van Caesar wat roede verkreegen; de overigen echter, welke eenig vermogen hadden, het hunne verloren. Muntfpecien van flegte waarde, en derzelver verhooging en verlaaging van prijs, werd ri-aar toe als een bekwaam middel gebruikt, om de menfehen op eene onverwagte wijze te befïeelen.

Veele rijke Romeinfche goederen weiden nu, gelijk ten tijde van Sulla, op de publieke veilingen verkogt. Nieuwe wetten werden 'er tot befeberming der fchuldenaars, en tot nadeel der Crediteuren gefmeed; aan de fchuldenaars gaf Caesar ijzeren brieven, en de Crediteuren moesten bij de helft verliezen ; de eerlijkfte lieden werden daar door arm , de Officieren, en de vleijers van Caesar werden rijk. Menmaakte fchikkingen dat menige verkooping van goederen voor

vier.1

Cu) Vide Officia Ciceronis, pasftmep inprimis lib. Hcap. ay 22,23. ubi contra acquatienem bonorum illam disputat. '

Sluiten