is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuwe Nederlandsche jaarboeken, of Vervolg der merkwaardigste geschiedenissen, die voorgevallen zyn in de Zeven Provincien [...]. Twee en dertigste deel. MDCCXCVII

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

448 NIEUWS NEDBRLANDSCHE

's Gra-

venhace.

Ont-

werpvan Conftitutie.

welke in de volgende artikelen aan de Kamer der Oudften verleend wordt.

207. De plaats der zittingen van het Wetgeevend Ligchaam kan niet veranderd worden, dan in geval van de hoogde noodzaaklykheid.

208. Indien de Groote Kamer, van zodanige noodzaaklykheid tot verplaatzing van het Wetgeevend Ligchaam niet overtuigd zynde, deswegens geen voorftel doet, zal het aan de Kamer der Oudften alleen ftaan, de zittingen van het Wetgeevend Ligchaam naar eene andere plaats over te brengen; welk befluit nogthands rsiet za! mogen genomen worden, dsc met twee derden van alle de Leden , dewelkt als dan die Kamer uitmaaken.

209 Het befluit, om de zittingen te verplaatzen, behelst eene bepaaling van de plaatsen van den dag, waar op het Wetgeevend Ligchaam zyne raadpleegingen zal voortzetten.

210. Dit befluit is onherroepelyk.

011 Indien het befluit tot verplaatzing door de. Kamer der Oudlteo zonder voorafgaand voorftel van de 'Groote Kamer, genomen is, zal de Karoer der Oudften verpligt zyn, zo dra het Wetgeevend Ligchaam vergaderd is ter plaatze, alwaar het zd.e is overgebragt, de redenen van het befluit en de naamen der Leden, die daar voor geftemd hebben, aan de Groote Kamer op te geeven.

ai2 Alle raadpleegingen of handelingen vanéén van beide of van beide de Kamers, welke mogten plaats hebben in den tusfchentyd, tusfchen het neemen van het voorfchreven befluit en de byéénkomst van het Wetgeevend Ligchaam op de nieuw beftemde plaats , zyn kragteloos en van onwaarde.

213. Zo dra de Kamer der Oudften het befluit tot het verplaatzen der zitting genomen heeft, geeft zy daar van kennis aan de Groote Kamer en aan den Staatsraad, en gelyktydig gaat de Kamet der Oudften uit een.

al4. De