Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VA de rl* historie/ %9

Wa6ënaae. te volgen j van verre te volgen, en zoekt zich te verfchoonen "tegen de aanmerkingen van Mannen, op wier oordeel hij zegt af te durven , nopends zijnen Hijlen' Schrijfwijze, als te vuurig , hoewel, zo als het ons voorkomt 4 hij misfehién beter gedaan zou hebben, dat oordeel maar dadelijk in te volgen. Wie toch zijne Schrijfwijze met die van wagen aar vergelijkt, zal terftond zien , ' welk een groot onderfcheid hier plaats vinde, daar de Schrijfwijze in dit Nieuwe Werk niet zelden in Declamatkn uitloopt, waar toe men flegts het begin des eerden Boeks heeft te lezen, om daar van overtuigd te zijn : Verders - zegt de Schrijver met lust ' gearbeid te hebben, in het vertrouwen van dagen te beieeven, door tacitus ., Tijden van zeldzaam geluk ge,i heeten, waar in het vrijftaat te gevoelen, wat men wil , ,-, en te zeggen, wat men gevoelt." en dus met alle vrijmoedigheid gefchreven te hebben, terwijl hij die groote wet eens Gefchiedfchrijvers betuigt in agt te nemen „ van ,, niets te durven zeggen dat valsch is". — Wij weten, dat, gelijk onpartijdigheid de voornaamfte en hoofdbedoeling van eenen' Gefchiedfchrijver moet uitmaken, niets echter moeilijker is, dan dat voornaamlijk een gelijktijdig Schrijver dezelve fteeds en overal betrachte. Noch gunst, noch ongunst moet bij hem plaats grijpen, en de Lezer wraakt in den Gefchiedfchrijver den Lofredenaar zo wel als den Bediller. Het is iet anders, wanneer de Gefchiedenis bij Hotte uit het waaragtig verhaal der daaden en gebeurteilisfen opregt het Karakter van dooriugtige perfoonen opmaakt, en den Lezer doet opmerken, waar van wij uitmuntende Voorbeelden bij wagen aar ontmoeten, zonder de befcheïdenheid. te beledigen. De volgende Deelen van dit Werk zullen nader leeren, in hoe verre de Schrijver deeze wet van onpartijdige Waarheidliefde fteeds in 'het oog zal houden. - Eindelijk veröntfchuldigt zich de Schrijver over zijne min of meer breedvoerige melding van de veelvuldige Stichtingen , Maatfchappijen en Genootfchappen van Naam, die, ftaande dit Tijdperk opkwamen. Eene korte melding van hetgeen tot den Haat der geleerdheid en de pogingen ter uitbreiding van Wetenfchappen en kimden behoort, kan zekerlijk niet afgekeurd worden, maar dit twijfelen wij, of het in eene deftige Vaderlandfche Historie voegt, bij gelegenheid van het aandippen van het tweede Eeuwfeest van Leijdens Hoogefchool, breed te melden , gelijk hier bladz. 41. gefchied. „ De Staaten van Holland

„ ver-

Sluiten