Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VAN LINDENSERG. 5I7

lijdelijke fmarten, in eene volftrekt ongeneeslijke ziekte, meent hij, houd men, reeds voorden doodop, mensch te weezen : zodanig een lijder zou het recht kunnen hebben om over zijn leven te befchikken! Doch ik geloof, dat hij het met hebben kan, om dat men, in lighaamüjke fmarten, altoos nog in ftaat zij, om ten minden een voorbeeld van geduld en lijdzaamheid te kunnen geeven! en is zodanig een voorbeeld niet vrij meer in 't oog loopende, dan bij het lijden der ziel? Ün zijn niet behalven dat, de fmarten des hghaams, voor een Man, wien God een hart vol gevoel en eere gefchonken heeft, niet veel verdraaglijker, dan die van de ziel V — Verder geloof ik, dat het ongezouten taal is, waarmeede onze fraaije geesten, dikwils met zo veel zwier zeggen, dat het aan het Opperweezen niet ongevallig zijn kan, wanneer men uit liefde tot hem, uit eene onwederLandhjke begeeite, om den Schepper van ons aanweezen van aangezigt tot aangezigt te zien, hem te gemoete fnelle» Of wanneer men, uit zugt naar de volmaaktheid, uit hartlijken dorst naar het verheevenfte geluk, dat is, naar een veel grootere maat van wijsheid enkennis, eener van alle ketens der zonden ontflagen ziel, vrijwillig zijn nootlot in üet grat voleinde! want wat liefde en onwederftandehjke begeerte betreft, ben ik van gedagten, dat een Soldaat ltralbaar in allen opzigten is, die den hem toebetrouwdeir post verlaat, enkel uit begeerte om zijnen Koning, dsen inj voorheen nooit zag, te zien, en dien hij even zo goed zou hebben kunnen zien, na dat bij afgelost zou geworden zijn: dat Captein cooke het tuchthuis, zo niet erger verdiend zou hebben , wanneer bij, uit liefde tot den Monarch , die hem ter bereiking van zulke gewigtige en luistervol oogmerken uitzond , binnen de eerde zes maanden ware wedergekeerd, zonder aan deeze oogmerken beantwoord te hebben. Wat de zugt naar volmaaktheid, en den dorst naar het verheevenfte geluk aanbelangt, al zulk dwaastuig verdient geen wederlegging. Kan een verhaaste dood de volkoomcnheid van den mensch bevoorderen ? Kan hii hem verhevener geluk, en een grooter maat van wijsheid en kennis bezorgen? Dan is hij het verachtiijkfte Schepzel, die zijn leeven poogt te onderhouden!- dan is hij de grootde vijand der menfehen, die niet zo veel menfehen om bals brengt, als 'er onder zijn bereik zijn, om hen de volmaaktheid deehchtig te doen worden!' Dan zijn de tyrannen de grootite weldoenders, en de geneeslieeren de gevaarlijkfte panden van het menschdom. Dan zou de vvaereld een kk 3 woes-

Sluiten