Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AANT E KÉWIN GEN. 447

(m togt; dat is, zij vertrokken het eene jaar, lagen (lil in het andere, en vertrokken weder in hét derde jaar, omdat zij niet anders dan langs het land voeren, gelijk men nog heden ge. woon is, wijl ze door de mousfons tegengehouden werden /en om dat, volgends de berekeningen van pliniüs en van stuabo, de aloude zeelieden llegts 1200 mijlen in drie jaaren konden afleggen. Zulk een koophandel werdt zeer kostbaar, inzonderheid, door de verpligting in welke men zig bevondt, om al den noodigcu voorrad, tot water zelfs toe, medeteneemen; en dit is de reden, waarom Salemon zig van het toen .reeds bewoonde Palmyre, meester maakte, 't welke toen reed» tot eene ftapelplaats en doortogt voor de kooplieden, door mid* del van den Euphraat, gebezigd werdt. Die vorst werdt daardoor een nader gebuur van het land der paerlen en goud, Deze verwisfeling van togt, door de roode zee, of door den Euphraat, is voor de ouden het zelfde geweest als die van Egypten of van de Kaap de Goede Hoop, voor ons.

Het fchijnt dat de koophandel, vóór Mof es tijd, door dé woeOijne van Syrië, en het Thebaanfche Land gedreeven werdt; dat de Pheniciêrs naa hem, dien door de roode zee dreeven; en dat de koningen van Ninïvé enBabel, uit ij verengt de fteeden Tyrus en Jerufalem kwamen verwoesten Ik blijf op deze zaaken ftaan; om dat men, tot heden nog niets redenli;ks daarover bijgebragt heeft.

Bladz. =1. (8) Van Babel, dat thands niets dan opgegraven aardhcopen voorflelt. Het fchijnt dat Babel op den oostelijken oever van den Euphraat, eene ruimte van zes miilen in de lente be flagen hebbe. Men vindt langs die geheele uitgeftrektheid tigchelfteenen of klinkers, waarvan thands de ftad Ilellé gefticht wordt. Op veelen dier klinkers vindt men een ingebijteld opfchriftgelijk die in PèrfèpóMs gevonden worden. Ik heb dit van Beaüchamp', groot fteedehouder van Bagdad, een door zijnekennis in de fterrekunde en door zijn waarheidsliefde, onderfcheiden Reiziger.

Bladz. 39. (9) Die putten van Tyrus, zie over dit Zonderling gedenkftuk, mijne Reize door Syrië, IIDeel.Bladz. x9S} p 2 Die

Sluiten