Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sS DE ZONNEMAAGD,

tusfchen deeze ftruiken, terwijl mijne klederen n,og vochtig van den daauw des vorigen avonds waren, en het Iigchaam door de koude van den middernacht trHde — daar , onder gindfchen palmboom ftond ik nacht aan nacht, en ftaroogde op den tempel: fomwijlen zag ik daar in de fchaduw, waar het eeuwigdurend lampjen flikkert, eene gedaante heen en weder wandelen, welke ik mij immer verbeeldde de uwe te zijn»

co R A.

Mij eenzaame, mij konde geene fchaduwen misleiden;- echter zag ik overal uwe gedaante; ik liep met wijde fcbrêden heen en weder; rustloos vloog ik

van den eenen hoek na den anderen zeg het mij,

Alonzo! is men altoos zo ongeduldig, wanneer men het beeld eens mans in zijn hart draagt ? weleer was ik bedaard en ftil; zeer getroost, als mij fomwijlen deezen of geenen wensch mislukte, als eene regenvlaag mijne wandeling verhinderde, of de wind een bloemtjen brak dat ik zelve opgekweekt had: nu gaat het mij gantsch anders; ik ben dezelfde niet meer: zit ik aan mijn dagwerk, weef ik, en breekt 'er flechts één draad, o dan kan ik mij aanftonds zo ergeren, dat ik fomtijds van mij zelve fchrik.(Haar' arm omhsmflaan. de.) Alonzo! maakt de liefde ons beter, of Hechter?

ALONZO,

Waare liefde maakt beter, bekoorelijk meisjen!

CORA,

Sluiten