Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Jas De BESTE

Antonie, gaande vervolgens naa Dormond den jongen, en hem omhelzende. Mijn waarde Neef! Dormond de jonge, met de tederjle eau-

doeningi

Mijn waarde Oom! — wat ben ik gelukkig den man, die mij zoo dierbaar is, te zien, en te omhelzen! — ik wensch u van harte geluk met uwe behouden aankomst.

Antonie.

Mag ik u bidden, lieve Neeven! neemt uwe plaats! (zij gaan alle drie zitten, Antonie in "t midden, Dormond aan de zijde, aan welke Alcest agter de tapijten verborgen is.) Ik verblijde mij hartelijk u te zien ; mijne reis is, wat mijn perfoon aangaat, zeer voorfpoedig geweest; egter (zugtende) ben ik door het bitterfte ongeval zeer in mijne verwagting bedroogen.

Dormond, de jonge. Ik bid u mijn lieve Oom! — zoo het mogelijk zij, verberg uw ongeval niet voor uw naaste bloed, dat er zich het grootfle geluk in zal ftellen, om het zelve op alle mogelijke wijzen te verzagten of geheel uit den weg te ruimen.

Dormond, ter zijde. Zoo gek zal ik niet zijn; — ik kan al zo» half en half ruiken, waar dat op uit zal komen.

An*

Sluiten