Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

238 Het Weeskind

door de gedachte , dat gy de oorzaak van myne

ellende geweest zyt!

(Een vloed van traanen ft roomt uit zyne oogen s Louife valt zwak en verbleekt op eenen ftoelneêrs Be Graaf werpt zich aan haare voeten, en legt zyn gezicht op haare hand.)

ZESDE TOONEEL.

Graaf. Louise Amalia.

(Nadat de Graaf een poos fpraakloos geleeger. heeft , komt Amalia fchielyk te voorfchyn; de Graaf fpringt op , en loopt in de verwar* ring rond.)

Amalia. (Verbaazing en woede beletten haar in den beginne het fpreeken.')

Is dat die kreupele man? Ha, bedrieger!

Louise. (Befchaamd, bedekt haar aan-' gezicht met den doek, en gaat binnen.) Amalia. (Ziet haar met een woedend gezicht na.)

Veinzend fchepfel!

Graaf. (Dreigende.^ Heb eerbied voor haar!

Amalia. Ik zal my wreeken! (Gaat woedend heen?)

ZEE-

Sluiten