is toegevoegd aan uw favorieten.

Het spectatoriaal toneel.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HIJ

ZESDE TONEEL.

De Hertog de Bet-leg arde , (gevolgdvan ! verfcheide edellieden, alle de knegts, andere bedienden van't huis, en de vorigen.)

(men plaatft drie leuning/loeien')

de Gravin. ( hem te gemoet gaande) Ach mijn Heer! gij komt dan om een ongelukkige

Moeder wat te trooften

de Hertog. Ik hoop uwe droefheid dooreen weinig vreugde te verminderen, (tegen 'Julia die heen wil gaan") Mejuffrouw ik moet u ook fpreken; uw aangenaam bijzijn is hier nodig; Mevrouw heb de goedheid mij aan te horen aangaande het noodlot van uw zoon en het uwe. (hij gaat tusfchen heiden zitten, de bedienden vertrekken) Ene zekere vrouw Aubonne genaamd is naar den Koning komen toelopen, en heeft zig aan zijne voeten geworpen, en in mijne tegenwoordigheid met hem gefp^oken. de Gravin. Deze Vorft verwaerdigd zig met alle menfchen te fpreken.

Julia.

Ach, die grote! die edelmoedige ziel.

de Hertog.

Deze vrouw heeft aan den Koning, mijn meefter, van woord tot woord verhaald 't geen ik de eer zal hebben u te zeggen bedroefuniet, Mevrouw!

Vergun mij tot het einde toe uit te fpreken. Gij had | II. Deel. H is