Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET STEM-VERMOGEN. *$

gedragen Post van Beftuur, zonder wettige redenen , te bcoordeelen door het Lichaam, waartoe zij geroepen waren, weigeren aantenemen.

De laatfte bepaaling zal niet langer kragt hebben, dan tot i. Januarij 1803, tenzij' de Wet dezelve alsdan vernieuwe.

Art. XV. Geduurende den tijd van ten minften tien volgende Jaaren, na de aanneming der Staatsregeling, worden tot de infehrijving in het Stemregister niet toegelaten de openbaare aanhangers van htt Stadhouderlijk en Federatief 'Beftuur, noch ook alle bekende wederftreevers van de groote beginfelen der Omwending van 1795.

XVI. Iemand, vermeenende, dat de infehrijving in het Stemregister hem, uit hoofde van Art. XV, ten onregte geweigerd is , kan zig daarover vervoegen bij het Vertegenwoordigend Lichaam.

XVII. Over alle gefchillen, in eene Grond-Vergadering ontftaande, nopens de bevoegdheid van eenig Burger, om zijne Stem uittebrengen, doet die GrondVergadering zelve uitfpraak, waaraan de beklaagde zig voor dien tijd moet onderwerpen; doch hij kan zig, daarna, ter dier zake, tot het Vertegenwoordigend Lichaam wenden.

TWEEDE AFDEELING.

Van de Grond- en Distri cis -Vergaderingen,

Art. XVIIL Tot het geregeld uitbrengen van de Stem der Burgeren, is de geheele Republiek verdeeld in Grond-Vergaderingen, uit de naast bij elkander geil 4 lc"

Sluiten