Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 28 )

Totdat hetzichin't eindvoor'tRechtmoest bpenbaaren Waarom zy, fints zo veele jaaren, Zo hcidensch onverzoenlyk waren.

Wat wastocli de oorzaak? de afgunst? Neem Bewaart uw vuur en kaarsje wel, riep de een: Bewaart uw vuur en kaarslicht wel, riep de ander. En dus verfchillend van elkander, Wyl elk in zynen zang volhardde uit al zyn magt, Wierd uit dit kaarsje en kaarslicht, dag en nacht, Spot, haat, veragting, wraak en woede voortgebragt,

My dunkt 'k hoor veelen , die dit Ieezen, Uitroepen ; hoe! om zulke kleinighcén Is by die Wachts zo fel een haat gerezen!

Dat moeten groote zotten weezen! Zacht, Heeren! doet u-zelv' geen nadeel door die rcê-n. Weet gy dan niets van zo veel groote lieden, By wie verfchillen van geleerdheid zyn ontdaan. Om Lettergreepen die juist evenveel bedieden:

En met wat woede en drift ze elkandren tegengaan ?

H. J. R.

No. 5.

Sluiten