is toegevoegd aan uw favorieten.

Verklaaringen der korte stellingen van Herman Boerhaave.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

II02 DE HONDS-DOLLIGHEID. §.1138.

nimmer is geweest, die met een eenparig gemoed alle de proeven doorftonden, welke te werk gefteld wierden, op dat zy zouden kunnen drinken; en aangezien zy, gelyk als de honden tegen wil en dank gedwongen wierden, andere te by ten, verz'ochten zy de geenen die hun bewaarden, dat zy hun fterk zouden binden, op dat zy op de omftanders niet zouden kunnen fpringen: ja fommige hebben gaarne verdragen dat zy gebonden wierden, op dat zy dus zeker zouden zyn, dat zy anderen niet konden befchadigen. 'er word een geval van een Vlende en allerergst woedende waterfchrikkige gelezen (rj. maar ook word 'er een andere waarneming gelezen van zodanige zieken, die niet alleen gedurende het geheele beloop der ziekte by zyn verftand was , maar aan fommige der omftanders beter fcheen te redenkavelen dan als wanneer hy gezond was O), over 't algemeen fchynen de waarnemingen te leeren dat de waterfchrikkige zelden geheel ylhoofdig zyn, maar offchoon zy door een' ftuers en dreigend gelaat, door fchreeuwen, een woedende trachting tot byten, de aanwezende bang maken, de meefte nochtans tot de dood toe by hunne zinnen blyven. Valmafius (f) heeft wel gewild , dat de waterfchrikkige van hun verftand beroofd zyn, en hun zelve nochte de hunne kennen: nochtans bekend hy , dat veele m de vermindering der kwaal hunne ellende kennen en beweenen, want de befchryvingen deezer ziekte leeren, dat deeze ziekte niet altyd met een gedurige ftap voortloopt , maar dat zich dikwils alles fchielyk verheft, en daar naar wederom een wemig verzagt word 00 s maar tevens blykt het, dat verfcheide waterfchrikkige, de aanwezende gewaarfchouwd hebben , wanneer zy gewaar wierden, dat zy als een nieuwe aanval van woede

(r) Philofoph. Tranfacl. Abridg. Tom. V. pag. 367. 3^9- Bac' cius de venenispag. 70. Medical Effays Tom.V. Part. a. p.59oO) Philofoph. Tranfaét. Abridg. Tom. III. pag. 281. CO De morbis contagiofis pag. 269. 00 Philofoph. Tranfaft. Abridg. Tom. V. pag. 36> J