Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

r (O

Extract uit de Re-

folutien van de Edele Mog. Heeren Raaden van Staatc der Vereenigde Nederlanden.

Dïngsdag den 16 September 1794.

IS gehoord het rapport van de Heeren van Boetzelaer, Thefaurier Generaal van Alphen en Secretaris Mollei us, de Heeren van Lichtenbergh en Pellers, der zeiver meede Commillariflen abfent zynde, hebbende, in gavo gehaat Ed. Mog. Refolutien van den 8 en 13 Augufty laatffleeden, geexamineert het voordel van den Commiüans Genei aai tot het Departement der Vivres voor de Armee van den Staat, Repelaer, of haar Edele Mog niet zouden goedvinden iemand onder den titiul van Cómmtfani Ctvil namens den Raad van Siaate by de Engvlfche Armee, zoolang dezelve fcis op het Territoir van de Republicq zal bevinden, aan te' Hellen, welke voor gemelde Armée zoude doen de nodige fequiütien van Logementen, Karren en Paarden Stroo, Brandhout voor het Leeger, mitsgaders in cas van nood Fourage en Brood, en in het generaal zoodanige verdere noodwendigheeden, als dezelve Armee redelyker- wyze by haar verblyf op of paflage over het Territoir van den Staat kan vorderen.

Waar op gedelibereert en ingenomen zynde de coniideratienenhethoogwys advis van zyne Hoogheid, is goedgevonden en verdaan, tot de voorfz Poft aan te ftellen de Perfoon van Mr. Hermannus Tollius, waar van ten zynen VIII DEEL. A bc-

Sluiten