Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ti.o DE GODSDIENST ALS DE

goddelyke genade regt haar weder op ; het vernuft wankelt, maar het geloof onderfteunt hetzelve ; de Eigenliefde verblindt den mensch, maar de liefdaadigheid, en zelfsverlocheningopenen hemde oogen, en geleiden hem. Zonder den byftand des Heere worden zyne gaven fchadelyke werktuigen tot ons verderf.

De eerfte plicht van ons vernuft, is, zyne eige grenspaalen te kennen : zo haast zy zich boven de lighaamelyke natuur wil verheffen, ontbreekt het haar aan begrippen. Het vernuft alleen kan de grote waarheeden niet bereiken, die ons tot God geleiden, doch hetzelve kan (en moet) ze aanneemen, wanneer die verkondig worden.

Zonderhet geloof zullen de meefte natuurlyke en zelfs de zedekundige waarheden wankelen: Godsbeftaan, zyne voorzienigheid, het beftaan der ziele, ja zelfs het wezen der lighaamen zyn beftreeden geworden; het geloof alleen heeft dat geene, wat het vernuft flegtsonduidelyk zag, grondelyk bevestigt.

Het vernuften het geloof hebben een en den zelve oorfprong, maar 't geloof begint met ons daar, waar het vernuft ons verlaat.

Ons geloof is in de heilige fchrift en de overleevering begreepen; hier in beftaat de waare Godgeleerdheid.

Men vindt wel in de fchriften der oude Wysgeeren hier en daar verftrooide waarheden, maar in de heilige Schrift vind men dezelve in een gereegelde fchakel alle te zamen.

Hoogmoedige Menfchen vinden in de H Schrift alles donkeren vol van tegenftrydighcden. De valfche kritiek en de geest van hairkloovery mengelen zich uit op ieder bladzyde, daar intusfchen opregte harten het daar in verborge manna ontdekken.

Het Evangelie is eene onderwyzing der rcinigheid

eii

Sluiten