Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3* j. tem b kink

hebben ja, hier en daar, eenige plaatfen aangetroffen, in welke de Burger ten brink den zin van zijnen Schrijver misfchien naauwkeuriger hadt kunnen uitdrukken, doch, deze plaatfen zijn Hechts weinige, en ontnemen niets aan de goede uitvoeringe van het geheel. Wij geloven onzen Lezers en den Burger ten brink zeiven dienst te zullen doen, indien wij eenige van deze door ons aangeftipte plaatfen hier aanvoeren.

Reeds Bladz. i. lezen wij in de Vertaling : „ Maar „ alle onze vermogens zijn in ons ligchaara, en in ou„ ze ziel gelegen , welke laatfte ons beltuurt , terwijl i, het ligchaam meer dienstbaar is." Het Latijn heeft: Animi imperio, corporis fervitio magis utimtir. Wii geven in bedenking, of men den zin dezer woorden" niet beter zal treffen , als men vertaalt ? ,, Door de ziel „ oefenen wij heerfchappij, terwijl wij van het ligchaam meer flaaffche dienstbaarheid genieten." Bladz. i. ,, Zoo hebben beiden [ziel en ligchaam] „ elkanders hulp nodig , en worden door dezelve onderiteund. " Ita utrumque per fe indigens , alttrum altcrius auxilio viget. Men vertale : ,, Dus oefenen beide, elk op zich zelve ongenoegzaam zijnde, hunne wezenlijke kracht, door wederzijdfche hulpbetoning; " en men zal den zin van het Latijnfche viget , nader komen.

Aldaar. ,, Indien de fchranderheid der Koningen en Beltuurers in den vrede even zoo, als in den oorlog, uitblonk " enz. Qjiodfi regutn atque impcratorum aniinr virtus in pace ita, ac in bello valeret. — Men vertale; ,, Indien het geestvermogen van Koningen en Belfuurers zich in vredestijd even zoo werkzaam betoonde , als in den oorlog" enz.

Bladz. 3. lezen wij, van zijn geest genot hebben, gezet, voor het geen . wij in het Latijn vinden animaque frui\ het welk betekent van het leven genot hebben, dewijl anima bij goede Latijnfche Schrijvers, en zeer zeker bij onzen sallustius, nooit de ziel of den geest betc-kent, noch met animus verwisfeld wordt. Doch misfchien heeft de vertaler gelezen animoque frui.

Bladz. 12. .„ Dar [namelijk] door vele burgers bergen omgekeerd, zeeën bevloerd zijn." Het Latijn heeft a privatis compluribus , waarom dan niet ambteloze, of bijzondere burgers ? Het doel van den Schrijver vereischt hier ook dezen nadruk.

Bladz.

Sluiten