Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE OTTOMANN. PORTE MET DE BEIJS IN EGYPTE. 33

voorwaarde, dat zij met hem naar Konftantinopel gaan zouden, hij hen elders als Basfaas zoude aanftellen. Dezen brief zondt hij hem, door den zelfden Kiafif, door welken hij den eerftèn afgezonden" hadt. Ditmaal ontving hij nog kostelijker gefchenken , dan de vorige reis, maar de Kapudan Basfa hieldt dit geheel ffil om dat hij het publiek geern wilde wijs maken, dat hij de Beijs tot het uiterfte gebragt hadde; ook hieldt hij' het andwoord geheim. Doch men wist evenwel, ,, dat zij „ verklaarden, geen oorlog meer te willen voeren.' Dat „ zij 'er eene zaak van geweten uit maakten , hunne „ rechtgelovige broeders, onderdanen van den Sultan „ dood te flaan, dat zo hij krijgsvolk tegen hen mo"t ,, zenden, zij voor dezelve' zouden vluchten; dat wan,, neer deze moede waren van hen te vervolgen , zij ,, zouden wederkeren, en dat zij dit vluchten en'we„ dcrkecren zoo lang zouden herhalen, tot dat hij hen „ in ruste liet. Dat zij nooit flag geleverd hadden, orn„ dat hun zulks aangenaam was, maar omdat zich hun ,, volk , om de fmaadred'én , die zijn volk te°-en het »> hunne uitbraakte , beledigd achtte , en opdat de ,, wereld niet mogt denken, dat zij uit vreze vloden."

Na de terugkomst van den Kiafif, zoiklt de Kapudan Basfa twee hoofden van den Godsdienst, een officier en twee Geleerden , om het Vredeverdrag met hen te fluiten, die ook den vierden dag na het andwoord te weten den 2often Mei, naar de Beijs vertrokken. '

Den i2denjunij gingen 9 Galeangi onftuimig tot den Kapudan Basfa, om van hem onderiteuning voor de Ilamazan te erlangen, daar zij voorgaven, dat zij met 3 oneen boter, 20 oneen rijst, en'2 medini, die hij hun dagelijks gaf, niet konden uitkomen. De Kapudan Basfa hadt dezen opfland voorzien, hij was daarom bij tijds uitgegaan , en kwam op het zelfde oogenblik terug waarop de muiters in het paleis traden. Die van zijn gevolg haalden hen over, om heen te gaan, eer hij t'huis kwam , opdat zij met hem , en niet met hun fpreken mogten. — De Kapudan Basfa zeide hun, dat hij voor als nu geen geld hadde, maar dat hij alles, wat in zijne magt ttondt, doen zou, om hen te vrede te (lellen. Zij vertrokken en gingen naar Polako , om van daar met eene bark weg te vluchten.

Toen de Kapudan Basfa hier van bericht hadt ontvangen , zondt hij zijnen Seliétar, om aan de hoofden te IH.DEEL.MENGEi.ST.NO. I. C ZCg-

Sluiten