Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gjg C« C. CANNABICH

Waar is de Godsdienst? Ruiten den mensch , oF in *' den mensch? Is dezelve buiten hem, (Hciigio objec" tiva,) dan is hij toch van menfchen gedacht en als " het refultaat hunner'gedachten door hun, mondeling " of fchriftelijk , bekend gemaakt geworden." (Het Verband tusfehen deze twee Hellingen is voor ons niets mm dafi klaar, maar laat ons verder de fpitsvinnige redekavelingen van den Schrijver hooren: ) „ Indien dit plaats ' heeft dan zet de Godsdienst buiten hem den Gods" dienst in hem (Religio fuhjecliva) vooruit, en is een *' gevolg daar van. Want, indien 'er nooit een mensch " geweest ware •> die den Godsdienst gedacht en ge" leerd had, van wien hadden wij denzelven dan ont" vangen? Gelteld ook, dat dezelve onmiddelbaar van " God zelve geopenbaard en bekend gemaakt was ge" worden, dan moest hij toch aan iemand geopenbaard V en bekend gemaakt zijn geworden , en deze moet denzelven zoo met zijn verltand opgevat, en hem , " zoo als hij hem opgevat had , aan anderen weder hebben voorgedragen , indien dezelve bekend zou " worden. En zoo kwam de Godsdienst altoos van " menfchen op menfchen , dat heet, de Godsdienst bat" ten hem ging van den Godsdienst in hem uit en was " alleen door deezen mogelijk. " (Welke opëenftapeling van drogredenen ! Zoo kwam de Godsdienst van menfchen op menfchen , wanneer God denzelven openbaart 1 Welke gevolgtrekking ! Neen , de Godsdienst , door God, onmiddelijk geopenbaard, werd door den dienst van de door Gods Geest gedrevene menfchen, aan andere menfchen bekend gemaakt; immers de geopenbaarde Godsdienst is geene uitvinding van menfchen, maar de Heilige mannen Gods, door den H. Geest gedreven, hebben dien aan ons bekend gemaakt.) _

Hoe vernuftig weet vervolgends de Schrijver Bladz. 4, aan de Oude Orthodoxen te beduiden , dat zij toch zeiven door het Nieuwe Testament aan te nemen , het Nieuwe het Oude voorgetrokken , en door hun eigen cedrag bewezen hebben , dat het Nieuwe beter zij dan het Oude; en ftout weg verzekert hij , „ dat ligt kan aangetoond worden, dat eenige keringen1 van het Nieuwe Testament van die in het Oude Testament " wezenlijk onderfcheiden zijn , en dat de leere van " het N. T. in meenige ftukken geheel nieuw is , dat V. in het Oude Testament God ten deele geheel anders ..... ...... n voor-

Sluiten