Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en dat uit den graad van fnelheld, met welke deze beweging gefchiedt, en uit de grootte van het ruim, welke de beide uiterfte Itraalen des voorwerps op het vlies influiten, en door de onderfcheiden evenredigheid der ftraalwerking op dit vlies, de voorftellingen der grootte gedaante, koleur, houding en verwijdering van

't voorwerp, ontftaat. Voords leert de

ondervinding, dat van ieder voorwerp, dat men ziet, een afbeeldfel gelijk aan het zelve op het netvlies gevonden wordt, alleen met dit ondericheid , dat 'er eene^emgekeèrde evenredigheid met opzicht van de richting plaats heeft, zo dat de rechte zijde van 't voorwerp in het afbeeldfel aan de linkezijde is, en de linke aan de rechte, en dat het onderfte boven ftaat. Koe het nu gefchiedt, dat een voorwerp, wiens voorftelling toch alleen door middel van 't beeld op 't netvlies in de ziel wordt overgebragt , evenwel op eene andere wijze als 't netvlies beeld wordt voorgefteld? Hoe het komt, dat wij eenen boom met de bladeren naar boven en met den wortel naar beneden zien, daar nogthands de bceldenis van denzelven op 't netvlies omgekeerd verlchijnt ? Zijn vragen in welker oplosfing verfcheiden Natuuronderzoekeren veele zwaarigheden gevonden hebben; •ja zelf rei ma rus wist' 'er zich niet anders :.uit te redden, dan door te ftellen, dat door

Sluiten